Nieuwe regeling biedt financiële steun bij om- en bijscholing & jobcoaching

Het ontwikkelbudget komt eraan!

Het zijn onzekere tijden en de arbeidsmarkt verandert voortdurend. Banen verdwijnen of krijgen een andere inhoud. Nieuwe specialismen komen op. We zijn zoekende: wat kunnen we doen om een bedreiging om te smeden tot kans. De overheid helpt. Met de nieuwe regeling Nederland Leert Door biedt zij werknemers, zzp’ers, flexwerkers en werkzoekenden een kans zich aan te passen aan de nieuwe situatie.

 Wat is NL Leert Door precies?
Nederland Leert Door is een regeling die financiële steun biedt bij ontwikkeladvies en scholing. De regeling valt in twee delen uiteen: jobcoaching (loopbaanadvies) en bij- en omscholing. Een theoretisch en een praktisch deel dus.

In dit artikel zetten we de belangrijkste afspraken rond de regeling voor je op een rij.

  • De regeling geldt voor iedereen van 18 jaar tot de pensioengerechtigde leeftijd met een relatie tot de arbeidsmarkt.
  • Onderdeel van de regeling is het volgen van een ontwikkeltraject om inzicht te krijgen in je persoonlijke kwaliteiten (en waar je kansen op de arbeidsmarkt liggen). Dit is het jobcoachingsgedeelte. Je kunt je hiervoor aanmelden bij een gespecialiseerde loopbaanbegeleider.
  • Daarnaast maken scholingstrajecten (bij- en omscholing) voor werkenden en werkzoekenden deel uit van de regeling. De scholing is vooral bedoeld voor persoonlijke ontwikkeling en het trainen van vaardigheden die je helpen om ander werk te kunnen vinden en verrichten. Het kan gaan om een vaardighedentraining, vakgerichte bijscholing of een eerste module van een langer omscholingstraject. Hier komt binnenkort meer duidelijkheid over.
  • De cursussen en trainingen in de regeling voor om- en bijscholing zijn allemaal online of in blended vorm (zowel online als fysiek onderwijs).
  • Je krijgt een tegemoetkoming in de kosten. Samen met bijdragen van bijvoorbeeld sociale partners, sectoren en O&O-fondsen blijven de kosten voor jou laag.

Wat betekent deze regeling voor jou?
De wereld verandert in een snel tempo. Banen verdwijnen of veranderen inhoudelijk. Wie zich daar nu al op voorbereidt, kan in de toekomst sneller schakelen. Wanneer het noodzakelijk is een overstap te maken binnen of buiten jouw bedrijf, ben jij er klaar voor. ‘Future skills’ for financials waren nog nooit zo relevant en bereikbaar.

Hoe werkt de regeling
Voor een kosteloos ontwikkeladvies kun je terecht bij een gekwalificeerd loopbaanadviseur. Het werkt heel eenvoudig:

  • Zoek een loopbaanadviseur in de buurt.
  • Meld je telefonisch bij hem of haar aan.
  • Maak een afspraak.

Op zoek naar een loopbaanadviseur?
NOLOC is de beroepsvereniging voor loopbaanprofessionals en jobcoaching. Op hun website vind je gekwalificeerde adviseurs bij jou in de buurt. De loopbaanadviseur helpt je verder met jouw ontwikkeltraject. Later in het najaar kun je ook scholingsactiviteiten volgen. De exacte voorwaarden voor scholing via NL Leert Door zijn op dit moment nog niet bekend.

Tevens vind je op de website ook meer informatie over deze bijzondere regeling.

 

Hopelijk beseffen we door het nieuwe pensioenstelsel dat we zelf actie moeten ondernemen

Tot 2026 verandert er in principe niets aan het huidige stelsel. Minister Koolmees (Sociale Zaken) kon zelfs niet uitsluiten dat er in de tussentijd nog gekort wordt op lopende uitkeringen en opgebouwde pensioenrechten.

Schijnzekerheid van gegarandeerd pensioenbedrag verdwijnt

Per 2026 worden de ‘garanties’ losgelaten. Dit is een groot voordeel van het nieuwe stelsel: “Als je nu inlogt op mijnpensioenoverzicht.nl zie je Uw pensioen vanaf 68 jaar is … euro. Die ‘garantie’ is straks voorbij, een goede ontwikkeling, want die toezegging is vooral een grote schijnzekerheid. De pensioenen zijn de afgelopen jaren stelselmatig te weinig of zelfs helemaal niet geïndexeerd op basis van de inflatie. Bovendien hangt er continu een dreiging dat er gekort wordt op de pensioenen. Kortom, dat beloofde bedrag zegt eigenlijk niet zoveel.”

Kans op een goed pensioen alleen maar groter

In het nieuwe stelsel hangt de hoogte van het pensioen af van de beleggingswaarde in de (gezamenlijke) pensioenpot. Het uit te keren bedrag wijzigt continu en beweegt mee met de ontwikkeling op de beurs. Reden voor sommigen om dit een ‘gokpensioen’ te noemen, maar toch is dit anders.

“De kans dat je een goed pensioen ontvangt, wordt alleen maar groter. In het huidige stelsel wordt de hoogte van je pensioen voornamelijk bepaalt door de rente. In de nieuwe situatie wordt de hele beleggingsmix meegenomen, waar de rente slechts een onderdeel van is. Zo krijg je dus een veel realistischere waarde van de (gezamenlijke) pensioenpot. Dit is juist minder gokken. Zeker als je bedenkt dat de beleggingswaarde van alle pensioenfondsen sinds de vorige crisis is gestegen van € 655 miljard in 2008 naar € 1.443 miljard begin dit jaar. Dat is met 120% toch een aardig rendement.”

Pensioengat voor 45- tot 55-jarigen waar je ‘u’ tegen zegt   

Het nieuwe stelsel is niet voor iedereen voordeliger. Doordat we afscheid nemen van de ‘doorsneesystematiek’ ontstaat er voor een bepaalde leeftijdsgroep een pensioengat. In dit huidige systeem levert de ingelegde euro van iemand van 27 net zoveel pensioenopbouw op als de euro van een 47-jarige. Maar de inleg van een jong persoon rendeert langer is feitelijk dus meer waard. De jongere subsidieert de oudere werknemer.

“Er komt dus een nieuw en eerlijker systeem, maar door de invoering ervan loopt een hele groep tegen een pensioengat aan waar je ‘u’ tegen zegt. Ben je in 2026 tussen de – pakweg – 45 en 55 jaar oud? Dan loop je geld mis. Je ingelegde euro’s renderen al heel lang, maar door de invoering van het nieuwe systeem pluk je er niet de vruchten van. Dat gaat in totaal om tientallen miljarden. Het akkoord biedt een multi-interpretabele uitweg: ‘De mensen bij wie dit het meest speelt – met een verzekerde pensioenregeling – mogen hun opgebouwde rechten behouden’. We moeten nog zien hoe dat straks uitpakt.

Iedereen gaat inzien dat je ook zelf actie moet ondernemen   

Mensen denken nog te vaak dat hun werkgever het pensioen regelt en dat je er zelf niets meer aan hoeft te doen. Toch adviseer ik je je jaarlijks bewust te maken van de materie en status van je pensioen. Mijn motto ‘Het ene doen en het andere niet nalaten’.

“Je bent echt zelf verantwoordelijk voor je pensioenopbouw. Dat je werkgever je hierbij helpt door een deel van je salaris direct over te maken naar een pensioenfonds, is mooi. Toch loop je grote kans dat dit onvoldoende is om straks je oude dag te kunnen leven die je nu voor ogen hebt. Zet daarom nu zelf ook geld opzij voor later. Hoe langer je daarmee wacht, des te onbereikbaarder je dromen worden. Dat kan door te sparen, maar als je meer tijd hebt moet je ook zeker beleggen overwegen. Met de afschaffing van de ‘garanties’, we hopen dat dit nieuwe stelsel dat nog veel duidelijker maakt.”

Het is niet moeilijk om deze materie inzichtelijk te krijgen. Hulp nodig? Neem gerust contact op.

Overlijdensrisicoverzekering ook het overwegen waard voor huurders

Een overlijdensrisicoverzekering (ORV) wordt vaak afgesloten bij de aankoop van een woning. Maar ook als huurder loont het de moeite om je in dit product te verdiepen. Het is een manier om je nabestaanden verzorgd achter te laten. Zij kunnen er na jouw overlijden de inkomensterugval mee opvangen en de huur blijven betalen of een gat in het nabestaandenpensioen dichten.

Uit recent onderzoek van verzekeraar Scildon blijkt dat vooral huurders vaak geen ORV hebben: dat is het geval bij maar liefst 69% van de gezinnen met een huurwoning.

Zekerheid

Een ORV biedt financiële zekerheid bij overlijden. Wanneer jij of je partner komt te overlijden, keert de ORV een afgesproken bedrag uit om het inkomensverschil op te vangen. Dit bedrag wordt door mensen met een koophuis vaak gebruikt om een deel van de hypotheek mee af te lossen waardoor de maandlasten meteen dalen en betaalbaar blijven voor de achterblijvende partner.

Het bedrag is echter op meerdere manieren in te zetten. Stel je hebt een huurhuis en bouwt geen vermogen op in je huis, dan kan het ook gebruikt worden om een pensioengat op te vullen. En natuurlijk kan het gebruikt worden als een aanvulling op het maandinkomen van de achterblijvende partner, door bijvoorbeeld maandelijks een bedrag van het ORV-kapitaal in te zetten. Stel de ORV keert een ton uit, dan kan je daar gedurende acht jaar je maandinkomen met duizend euro mee aanvullen.

Leeftijd en gezondheid

De kosten van een ORV hangen voor een groot deel af van de leeftijd en de gezondheid van de aanvragers, de gewenste looptijd en het te verzekeren bedrag. Jonge gezonde mensen kunnen voor een maandpremie van tien a vijftien euro al een redelijk bedrag verzekeren. In 2019 is de premie van veel ORV’s gedaald. Voor een ORV moet altijd een gezondheidsverklaring worden ingevuld.

Goede keuze maken

Om een goede keuze te maken, is het van belang dat je inzicht krijgt in de situatie na overlijden. Hoe blijven je nabestaanden dan achter? In hoeverre is dan de huur nog op te brengen? Is er een nabestaandenpensioen? Is er ander vermogen uit bijvoorbeeld spaargeld of een erfenis? Zijn er kinderen die willen studeren? Wij helpen je graag in de beste keuze voor jou en je nabestaanden!

 

Past een maximale hypotheek wel in jouw huishoudboekje?

Veel mensen kijken bij het kopen van een huis naar wat ze maximaal kunnen lenen. Maar wist je dat die normen zijn gebaseerd op mensen zonder kinderen met een laag bestedingspatroon? De normen leveren dus niet voor iedereen een verstandig maximum op. Kies je er toch voor, dan zal je moeten besparen op andere uitgaven. Ben je daartoe bereid? Of ga je dan liever een wat lagere hypotheek aan?

Wat je kunt lenen om een huis te kopen hangt af van twee factoren: de waarde van het huis en het inkomen van jou en je eventuele partner. Op internet kun je makkelijk uitrekenen wat je met jouw inkomen ongeveer kunt lenen. En dat is makkelijk als je op zoek gaat naar een nieuw huis.

Maximaal lenen niet altijd passend

Het is dan wel goed om te weten dat die rekenmodules er meestal van uitgaan dat je geen kinderen hebt, minder uitgeeft dan gemiddeld voor jouw inkomensgroep en in een woning woont met minimaal energielabel C. Kortom: dat je de ruimte hebt om je maandinkomen maximaal in woonlasten te steken.

Weinig ruimte om te sparen

Voor mensen zonder kinderen met een energiezuinig huis en een spaarzaam bestedingspatroon is zo’n maximale lening hoogstwaarschijnlijk prima. Maar wanneer jij en je partner kinderen hebben (of in de toekomst verwachten) en bijvoorbeeld graag luxe vakanties houden, dan is een maximale hypotheek voor jullie al minder verantwoord. Bij een maximale lening blijft bovendien weinig ruimte over om bijvoorbeeld te sparen of vermogen op te bouwen. Daarnaast is er weinig ruimte voor het opvangen van een lager inkomen, bijvoorbeeld doordat jij of je partner minder gaat werken. Besef dat je afstand van deze ruimte doet door maximaal te lenen!

Advies van de minister

In een recente brief aan de Tweede Kamer over dit onderwerp, raadt de minister van Financiën klanten aan om samen met hun hypotheekadviseur naar de betaalbaarheid van hun hypotheek te kijken. Ga samen na of de maandlasten ook echt passen in jouw huishoudboekje. Ze komen namelijk elke maand terug, zo’n dertig jaar lang.

Wij adviseren altijd met de lasten inclusief de kosten van levensonderhoud. De ervaring leert dat voor een modaal huishouden 2 personen met kinderen, je al gauw zo’n 35.000 tot 40.000 netto kosten levensonderhoud mee dient te nemen in je uitgaven. En dat is zonder de hypotheeklast. Het berekenen van deze kosten kunnen wij samen met je heel snel inschatten.

 

Een nieuwe baan een nieuw pensioen? Beginnen, overstappen of zo laten? Aan jou de keuze

Jouw nieuwe werkgever biedt je een pensioenregeling aan bij een ander pensioenfonds of pensioenverzekeraar dan waar jij bij je vorige baan hebt gespaard. Of misschien ga je nu voor het eerst beginnen met pensioensparen. Een nieuwe baan is bij uitstek hét moment om over je pensioen na te denken. Over pensioen valt heel veel te weten en te kiezen. Bij een nieuwe baan heb je grofweg 3 situaties. Wat is voor jou van toepassing?

Een eerste pensioen

Een deel van je pensioen bouw je op via je werkgever. Dit noemen we ook wel het werknemerspensioen. Het is voor de werkgever niet verplicht om aan te bieden, maar de meeste werkgevers bieden dit wel aan. Het kan dus zijn dat je bij deze nieuwe baan voor de eerste keer een pensioen krijgt aangeboden. De constructie verschilt per organisatie. Meestal betaalt je werkgever het grootste deel, soms betalen werknemer en werkgever allebei. De bijdrage die je zelf levert aan je pensioen wordt van je brutosalaris ingehouden. In ieder geval is je werknemerspensioen ter aanvulling op je AOW en keert uit op de dag zoals in de voorwaarden vermeld staan.

 Let op: je pensioenregeling houdt er rekening mee dat je later ook AOW krijgt. Daarom bouw je geen pensioen op over je hele salaris, maar wordt er van je salaris een bedrag afgetrokken: de zogenaamde franchise. Hoe hoger dit bedrag, hoe lager je pensioenopbouw. Informeer bij jouw werkgever naar de regelingen.

 Een zelfde pensioen

 Blijf je binnen dezelfde bedrijfstak werken als jouw vorige baan, en is deelname aan een pensioenregeling verplicht in deze bedrijfstak? Dan verandert er vaak niets voor jou. Jouw pensioenopbouw loopt gewoon door bij hetzelfde pensioenfonds. Alleen zal nu je nieuwe werkgever er geld in storten.

Maar is het pensioen dat jij opbouwt wel voldoende?

Een ander pensioenfonds, pensioen overdragen

 Bij een nieuwe werkgever met een ander pensioenfonds of pensioenverzekeraar dan waar je tot voorheen zat zal je waarschijnlijk gevraagd worden of je je pensioen uit je vorige baan wilt meenemen. Dat betekent dat het geld dat je in je vorige pensioenfonds/verzekering hebt gespaard wordt overgeheveld naar het nieuwe fonds/verzekering. Dat noemen ze ook wel ‘waardeoverdracht pensioen’.

Als je niet kiest voor deze waardeoverdracht dan blijft het geld in je voormalige pensioenfonds/ verzekering staan. Er wordt geen nieuw geld meer in dit fonds gestort. Het wordt daardoor een premievrij pensioen, ofwel: een slapend pensioen. Als je met pensioen gaat krijg je uitgekeerd uit verschillende spaarpotjes.

Wat in jouw situatie het meest voordelig is hangt af van de voorwaarden van beiden fondsen. Een adviseur kan helpen bij jouw besluit.

Het is overigens niet altijd mogelijk om je pensioen over te dragen. Dit kan alleen als de dekkingsgraad 100% of hoger is. De dekkingsgraad geeft aan of een pensioenfonds aan de verplichtingen die zij heeft kan voldoen in de toekomst. Het drukt kort gezegd de verhouding uit tussen het aanwezige vermogen van een pensioenfonds en de waarde van alle opgebouwde pensioenen.

Let op: bij het veranderen van werkgever verandert vaak je salaris en dus ook het bedrag dat je opbouwt voor je oude dag. Bekijk deze wijzigingen goed, voor je te maken krijgt met een pensioengat.

Nationale Hypotheek Garantie (NHG) telt tijdelijke inkomensdaling ondernemer door corona niet mee

Ondernemers die een hypotheek met NHG willen aanvragen, hoeven niet bang te zijn dat een coronadip in de omzet roet in het eten gooit. NHG en marktpartijen hebben besloten dat een tijdelijke inkomensdaling vanwege de coronamaatregelen vanaf 1 augustus bij de beoordeling niet of niet volledig zal worden meegeteld.

Een (zelfstandig) ondernemer die dit jaar de inkomsten door de coronacrisis heeft zien teruglopen, kan daar drie jaar last van hebben bij het aanvragen van een hypotheek. Voor een NHG-hypotheek tellen de gegevens van de laatste drie jaar mee bij het beoordelen van de aanvraag.

NHG is met overheid, geldverstrekkers en deskundigen om de tafel gaan zitten om een oplossing te bedenken. Het resultaat: “Als de ondernemer kan aantonen dat de omzet en het resultaat slechts tijdelijk zijn gedaald als gevolg van het coronavirus, dan kunnen beoordelaars besluiten om de resultaten uit deze periode niet (volledig) mee te nemen bij de financieringsaanvraag.”

Toegang tot woningmarkt behouden

De uitvoerder van de hypotheekgarantie vindt het niet eerlijk dat het gemiddelde jaarinkomen van de afgelopen drie jaar meetelt bij zelfstandigen als er dit jaar een flinke, maar tijdelijke inkomensdaling plaatsvindt vanwege het coronavirus. “De oorzaak hiervan ligt in de meeste gevallen niet bij de ondernemer en diens bedrijf, maar bij het coronavirus en de bijbehorende gevolgen. NHG vindt het belangrijk dat deze ondernemers de toegang tot woonfinanciering behouden en daarmee de toegang tot de woningmarkt.”

Resultaat moet weer op oude peil zijn

Het besluit betekent niet simpelweg dat bijvoorbeeld het tweede kwartaal buiten beschouwing wordt gelaten in de beoordeling: “Om te kunnen beoordelen welk hypotheekbedrag gezien deze situatie verantwoord is, is het essentieel om vast te stellen in hoeverre de ondernemer de omzet en resultaat weer heeft kunnen terugbrengen naar het niveau van voor de coronacrisis.” Als de ondernemer dat kan aantonen, mogen beoordelaars besluiten het ondernemersinkomen te baseren op de periode voor en na de coronaperiode. “Dit is per 1 augustus 2020 van toepassing op alle hypotheekaanvragen met Nationale Hypotheek Garantie. De komende weken zal duidelijk worden of geldverstrekkers deze werkwijze ook zullen toepassen voor hypotheekaanvragen zonder NHG.”

Onderbouwing extra belangrijk

NHG-bestuurder Carla Muters: “We willen voorkomen dat ondernemers die inmiddels weer draaien zoals voor deze crisis, onnodig minder toegang krijgen tot een woningfinanciering met NHG. De onderbouwing bij een hypotheekaanvraag is dan extra belangrijk. Hoe is de ondernemer omgegaan met de impact van de lockdown? Heeft hij/zij gebruik kunnen maken van overheidsregelingen of alternatieve activiteiten opgezet om de boel draaiende te houden? Is er voldoende inkomen en zijn de buffers nog op voldoende niveau? Maatwerk is belangrijk. Met deze maatregel geven we de beoordelaars extra ruimte om in te schatten wat verantwoord is, gezien de individuele situatie van de ondernemer.”

Die extra ruimte zal er ook zijn bij een eventuele ‘tweede golf’ die nieuwe maatregelen tot gevolg heeft. “Ook dan heeft de beoordelaar de ruimte om – bij een tijdelijke inkomensdaling – een eigen inschatting te maken.”

Rekenvoorbeeld

NHG geeft een rekenvoorbeeld van een kapper die gemiddeld € 5.000 per maand verdient en in het tweede kwartaal dicht moest. Gaat het resultaat weer naar het oude gemiddelde – en zijn de buffers nog op peil – dan mag het toetsinkomen toch worden vastgesteld op 12 x € 5.000. “Uiteraard is deze berekening in de realiteit veel complexer en is het hierbij belangrijk dat goed wordt gekeken naar iedere individuele situatie”, voegt NHG toe. Een woordvoerder laat desgevraagd weten dat een inkomen van € 4.500 per maand in de nieuwe situatie niet meteen betekent dat de ondernemer het omzetverlies in het tweede kwartaal volledig zal worden aangerekend. “De beoordelaar zal dat zelf moeten inschatten.” Leidraad is dan vooral het jaartotaal. “In het voorbeeld is het gat op jaarbasis € 15.000. Komen de inkomsten terug op een niveau van € 4.500, dan is dat gat € 18.000.  Je zou er dan voor kunnen kiezen om de tijdelijke omzetdip voor een deel mee te tellen.”

Hou er rekening mee dat bij een hypotheekaanvraag met NHG, de marktwaarde van de woning niet boven de 310.000 euro kostenbrens mag uitkomen. Voor woningen met energiebesparende voorzieningen ligt deze kostengrens 6% hoger, nl 328.600 euro.

Negatieve rente in opkomst

Net als in voorgaande jaren laat de gemiddelde rente voor dagelijks opvraagbare spaarrekeningen (DOS) in de eerste twee kwartalen van 2020 een daling zien. Volgens de Spaarrente Barometer tweede kwartaal 2020 is negatieve rente in opkomst.

Naast Triodos Bank, die in april 2017 als eerste aanbieder geen rente meer over het spaartegoed gaf, zijn er inmiddels meer aanbieders die dit voorbeeld volgen, te weten grootbank ABN AMRO en dochteronderneming Moneyou. Naast spaarrentes van 0%, komen negatieve spaarrentes boven een bepaald spaarsaldo steeds vaker voor.

Het feit dat er steeds meer aanbieders nauwelijks tot geen rente meer vergoeden, heeft ervoor gezorgd dat de gemiddelde spaarrente voor DOS steeds dichter naar 0% kruipt. Op dit moment bedraagt de gemiddelde rentevergoeding nog maar 0,07 procent, een daling van ruim 50 procent in vergelijking tot een jaar geleden.

Per 1 april was ABN Amro de eerste aanbieder die een negatieve rente van 0,50% is gaan voeren. Deze rente geldt zodra klanten op al hun ABN AMRO betaal- en spaarrekeningen opgeteld boven een saldo van € 2.500.000,- uitkomen.

Al snel volgde Aegon met een rente van –0,50% over het saldodeel op de spaarrekening boven € 1.000.000,-. Per 1 juli zijn vervolgens ING, Rabobank, Robeco en Triodos Bank ook negatieve rentes gaan rekenen. Bij ING, Rabobank en Robeco geldt een rente van –0,50% over het saldodeel boven € 1.000.000,- en Triodos Bank rekent een rente van –0,50% boven een totaalsaldo van € 100.000,- op de Triodos betaal- en spaarrekeningen.

Triodos Bank was de eerste aanbieder die enkele jaren geleden een rentepercentage van 0% ging voeren en heeft nu wederom een primeur te pakken. Zo geldt met ingang van 1 juli dat spaarders van 25 jaar en ouder bij Triodos Bank ook moeten gaan betalen voor het aanhouden van een spaarrekening, te weten € 2,- euro per maand. Of in de nabije toekomst meer aanbieders dit voorbeeld zullen gaan volgen, is op dit moment nog niet bekend.

Kabinet schrapt plannen box 3

Staatssecretaris Vijlbrief van Financiën heeft de Tweede Kamer laten weten definitief af te zien van het voorstel waarin sparen vrijwel niet meer wordt belast, maar (kleine) beleggers juist veel meer belasting gaan betalen. In de zomer komt de Staatssecretaris met een eenvoudiger alternatief.

In dit voorstel gaan de spaarders en kleine (veelal defensieve) beleggers zeer beperkt belasting betalen. Vermogen gefinancierd met schulden wordt juist zwaarder belast. Uit de praktijk blijkt namelijk dat deze laatste groep op dit moment vrijwel geen belasting in box 3 betaalt.

Met dit alternatieve voorstel blijft het voor mensen met een vrij vermogen tussen de 30.000 en 150.000 euro interessant om te kiezen voor beleggen in plaats van sparen. Zeker vanwege de lage rentes.

 

 

Scheiden en belasting

Veel gestelde vragen

Zodra de scheidingspapieren zijn ingediend én jullie niet langer op hetzelfde adres wonen, zijn jullie geen fiscale partners meer. Jullie mogen dit jaar nog gezamenlijk belastingaangifte doen en de inkomsten en aftrekposten gunstig verdelen, maar daarna eindigt het fiscaal partnerschap en zijn jullie individueel verantwoordelijk voor de belastingaangifte. Op de site van de Belastingdienst vind je alles wat je moet weten over de belastingaangifte na een scheiding. Wij beantwoorden alvast enkele belangrijke vragen die je vast en zeker hebt:

Wat betekent scheiding voor mijn toeslagen?

Indien jullie niet langer fiscaal partners zijn, is dit van invloed op eventuele toeslagen. Denk aan de zorgtoeslag, huurtoeslag en kindertoeslag. Na een scheiding wordt er niet meer gekeken naar het gezamenlijk verzamelinkomen, waardoor de hoogte van de toeslagen verandert of waardoor je in tegenstelling tot voorheen nu wel recht hebt op toeslagen. Vraag de toeslagen daarom opnieuw aan.

Hoe zit het met de hypotheekrenteaftrek na de scheiding?

De persoon die in de woning blijft wonen mag de hypotheekrente aftrekken. Dit is echter ook afhankelijk van wie de hypotheekrente betaalt en hoe de eigendomsverhouding is. Kijk voor meer informatie hier op de website van de Belastingdienst. Op deze website kun je ook je voorlopige aanslag berekenen zodat je weet waar je aan toe bent na een scheiding.

Wat is de inkomensafhankelijke combinatiekorting?

Als je werkt en tegelijkertijd de zorg draagt voor kinderen onder de 12 jaar oud is het mogelijk dat je recht hebt op de inkomensafhankelijke combinatiekorting. Deze korting betekent dat je minder belasting en premies hoeft te betalen. Dit is om ouders te stimuleren naast de opvoeding van de kinderen ook (meer) te werken. Hier lees je of je recht hebt op de inkomensafhankelijke combinatiekorting.

Moet ik mijn alimentatie aangeven in de belastingaangifte?

Als je kinderalimentatie krijgt, hoef je dit niet aan te geven in de belastingaangifte. Betaal jij juist kinderalimentatie? Dan mag je dit sinds 2015 niet meer aftrekken in je belastingaangifte als uitgaven voor levensonderhoud. Voor partneralimentatie geldt dat dit wel invloed heeft op de belastingaangifte. Meer informatie vind je hier op de website van de Belastingdienst.

Flink afgelost op hypotheek? Controleer de rente!

Hoe meer je leent ten opzichte van de waarde van je woning, hoe hoger het risico voor de geldverstrekker. In je hypotheekrente zit daarom een risico-opslag verwerkt. Maar die kan omlaag, als de verhouding tussen de lening en de woningwaarde verandert. Let op: dat gaat (nog steeds) niet altijd automatisch.

Stel je hebt een hypotheek van vier ton afgesloten om een huis van vijf ton te kunnen kopen. Je hypotheek bedraagt dan tachtig procent van de waarde van je woning. Maar dankzij een erfenis kun je ineens een ton aflossen: de verhouding loopt dan terug tot zestig procent. Je komt dan, afhankelijk van de categorieën en percentages die jouw geldverstrekker hanteert, in een andere risicoklasse terecht. De rente daalt dan bijvoorbeeld van 2,63% naar 2,49% procent. Dat lijkt niet veel, maar op jaarbasis is het een behoorlijk bedrag. Uiteraard kun je zo’n nieuwe grens ook bereiken door je vaste, maandelijkse aflossingen, het hoeft niet om een bedrag ineens te gaan.

Niet automatisch

Veel geldverstrekkers passen de risico-opslag automatisch aan wanneer je als klant in een nieuwe categorie valt. Maar een aantal ook niet, ondanks herhaaldelijk aandringen van consumentenorganisaties. Je moet er dan als klant achteraan. Dat zijn, volgens een recent onderzoekje, onder andere: ABN AMRO Bank, BijBouwe, Argenta, BLG Wonen, Florius, ING Bank en SNS Bank.

Hogere woningwaarde

Niet alleen door aflossen kan de risico-opslag dalen, het kan ook zijn dat je huis meer waard wordt en dat daardoor de verhouding gunstig verandert. Een hogere WOZ Waarde is daarvoor een indicatie, veel banken nemen een percentage van rond de 80% van de WOZ waarde als “ marktwaarde”. Een taxatierapport geeft 100% waarde als uitgangspunt. Check aub met je adviseur wat slim is om te doen.

NHG

Heb je een woning met Nationale Hypotheek Garantie (NHG)? Dan is er geen opslag in je hypotheekrente verwerkt en betaal je al de laagst mogelijke rente. Dat komt omdat NHG een vangnet biedt waardoor de geldverstrekker minder risico loopt.

Tip

Ga je een flinke aflossing doen? Raadpleeg altijd je hypotheekadviseur. Die weet het beste op welk leningdeel je moet aflossen én houdt in de gaten of de juiste risicoklasse wordt toegepast.